BlogNieuws

Behandeling/Training bij chronische enkelinstabiliteit

Enkelinstabiliteit komt voor in elke leeftijdsgroep. Het wordt vaker gezien bij sporters die een contactsport beoefenen zoals voetbal. De klachten ontstaan meestal als gevolg van eerdere enkelverzwikkingen. Door enkelinstabiliteit wordt de kans op het regelmatig verzwikken van de enkel groter. Het blijkt zelfs dat een relatief grote groep mensen (20-40%) die een scheur (ruptuur) van een enkelband hebben gehad, restklachten overhouden.1

Wat is chronische enkelinstabiliteit?

We maken een onderscheid tussen kortdurende en langdurige enkelinstabiliteit. Meestal is enkelinstabiliteit kortdurend. Er is dan sprake van een natuurlijk herstel. Als de klachten langer dan 12 weken aanhouden, dan is er sprake van een structureel verlies van stabiliteit en noemen we dit chronische enkelinstabiliteit.

Symptomen bij chronische enkelinstabiliteit

Aanhoudende pijn of regelmatige verzwikkingen zijn de meest voorkomende klachten bij enkelinstabiliteit. De pijn zit meestal aan de buitenzijde van de enkel. Daarnaast kan het voorkomen dat je een onzeker gevoel ervaart tijdens het lopen op oneffen ondergronden en bestaat er angst voor nieuwe verzwikkingen tijdens (sport)activiteiten. In sommige gevallen komt er vocht in de enkel na belasting.

Verschijnselen bij functionele instabiliteit

Verstoorde coördinatie van de enkel
Verlies van stabiliteit van de enkel
Verlies van spierkracht van de enkel
Bewegingsangst
Verminderde beweeglijkheid in de andere gewrichten van de enkel en voet

Verschijnselen bij mechanische instabiliteit

Vergrote beweeglijkheid van de enkel als gevolg van onvoldoende herstel van de enkelbanden.

Om te voorkomen dat langdurige enkelinstabiliteit ontstaat is het dus belangrijk dat een enkelverzwikking goed behandeld wordt.1

Behandeling van chronische enkelinstabiliteit

Er kan gekozen worden voor een operatieve of niet operatieve (conservatieve behandeling) bij enkelinstabiliteit. In sommige gevallen van mechanische instabiliteit zal een operatie worden overwogen. De orthopedisch chirurg beslist in overleg met de cliënt of een operatie wenselijk is. De mate van instabiliteit, het niet goed reageren op eerdere behandelingen en het activiteitenniveau, spelen hierbij een belangrijke rol.

In eerste instantie wordt er dus altijd gekozen voor een conservatief beleid. Een conservatief beleid kan bestaan uit fysiotherapie, gebruik van een enkelbrace en/of medicijnen. Dit laatste wordt alleen ingezet als er sprake is van een ontsteking welke niet verdwijnt door rust.

(Sport)Fysiotherapie
Na aanleiding van het vraaggesprek en het lichamelijk onderzoek wordt de juiste diagnose gesteld, hierop wordt, in combinatie met de doelen van de cliënt gekeken naar de juiste behandeling.
Bij chronische enkelinstabiliteit zal fysiotherapie met name bestaan uit oefentherapie gericht op verbetering van de coördinatie, balans, spiersamenwerking en spierkracht. Zijn er naast de aanwezigheid van instabiliteit ook nog andere behandelbare componenten naar voren gekomen, zoals een bewegingsbeperking van de enkel, worden deze ook door de fysiotherapeut aangepakt en kunnen er mobilisatietechnieken worden ingezet.

Het uiteindelijke doel van de behandeling is het stimuleren van een goed herstel en het voorkomen van enkelverzwikkingen in de toekomst. In sommige gevallen kan er overwogen worden een enkelbrace in te zetten  ter voorkoming van nieuwe verzwikkingen. Deze wordt dan met name gebruikt tijdens sportactiviteiten.

Opbouw van training bij chronische enkelinstabiliteit

De opbouw van de training verloopt natuurlijk bij elk revalidatietraject anders. Kijk alleen maar naar het einddoel van de cliënt. Waar de een als doel heeft weer te kunnen wandelen, zou de andere graag zijn/haar sportactiviteiten zoals voetballen weer op willen pakken. Afhankelijk van het einddoel kan dus ook de revalidatie periode schelen deze varieert meestal tussen de 6 en 12 weken. Bij high-impact sporten zoals voetbal, hockey, korfbal etc. zal er eerder een revalidatietraject nodig zijn van 12 weken. Daarnaast is de duur van het revalidatietraject ook afhankelijk van de belastbaarheid van de bindweefselstructuren. Ontstaat er bijvoorbeeld meteen zwelling na een training of blijft het enkelgewricht juist heel rustig. Deze factoren spelen ook mee in hoe snel de revalidatie opgebouwd kan worden.

Na 6 weken trainen van de enkel zou je normaliter een verbetering van de enkelstabiliteit moeten ervaren, deze hoeft dan nog niet optimaal te zijn. Want aan het begin van een flinke wandeling zijn de bospaden misschien toch net wat minder lastig dan aan het einde van die 10 km.

Heb jij regelmatig last van enkelverzwikkingen? Of ken jij iemand die zijn/haar enkel verwikt heeft en niet goed hersteld? Neem dan zeker contact op met je (sport)fysiotherapeut en vraag naar de mogelijkheden. Elke enkelverzwikking geeft namelijk een grotere kans op vervroegde slijtage van het gewricht!

Bronnen:

1 Hier heb ik pijn. (2019, 30 april). Enkelinstabiliteit.  Geraadpleegd op

https://www.hierhebikpijn.nl/aandoening/132/enkelinstabiliteit

2 Stichting VeiligheidNL. (2019, 30 april). Versterk je enkel. Geraadpleegd op https://itunes.apple.com/nl/app/versterk-je- enkel/id456001033#?platform=iphone